Het is vrijdag. Ik maak me klaar voor een weekend naar mijn vriendin in Arnhem die 60 jaar wordt. Ik rij samen met een andere vriendin en ze komt me zo op halen. Ik verstuur nog wat rekeningen en Whatsapp nog wat. Dan opeens zie ik de letters nog maar voor de helft aan mijn rechter oog. Hum… mijn bril is misschien vies? Maar dat was het niet. Even in de verte kijken maar ik zag de helft van de boom. Ik schrik, want dat voelt niet goed.

Ik ga vervolgens even rustig zitten, doe mijn ogen even dicht. Maar ook dat helpt niet. Misschien iets in mijn oog? Ik kijk in de spiegel en zie mezelf maar voor de helft. Rechts is weg, waar ik ook kijk, rechts is een gat. Niet zwart of donker maar een gat van niks. Horror… Ik voel gelijk dat dit betekent dat er iets uitvalt. Mijn zicht valt uit. Ik bel de dokter en druk op spoed. Ik doe mijn verhaal, maar ik kom niet op sommige woorden. Nu komt het besef nog harder binnen dat er iets echt niet goed is in mijn hoofd. De assistente zegt dat ik direct naar het ziekenhuis moet en of er iemand is om me te brengen. Dan opeens komt mijn zicht terug en ik denk ‘ach, het valt wel mee’ en vind het ziekenhuis ineens wel wat overdreven. ‘Nou,’ zegt de assistente. ‘U moet toch maar gelijk komen en wel nu!’ Mijn vriendin kwam gelukkig gelijk en wij gaan richting de eerste hulp. Allerlei onderzoeken gehad. ‘TIA…’ zei de dokter. ‘Dit was een TIA en uw cholesterol is ook iets verhoogd’. Ik krijg pilletjes mee naar huis en mag over 2 weken terug komen.

Dan kom ik na 2 uur ziekenhuis weer thuis. Ik heb nergens last van maar het voelt alsof ik een klap heb gekregen. Ik wil gewoon verder gaan met mijn leven, maar dan zegt er iets in mij dat het wel eens heel verkeerd had kunnen aflopen. Dat ik een waarschuwing heb gehad van mijn lichaam en dat ik misschien eens moet gaan kijken wat ik niet wil zien (letterlijk en figuurlijk).

Ik heb het als moeilijk ervaren, niet om mezelf onder de loep te nemen want dat is tenslotte mijn werk. Het moeilijke vond ik om weer vertrouwen te krijgen in mijn lichaam. Er was veel paniek en angst. Ik had liever gehad dat iemand zei, ‘geen peren meer eten en dan komt het goed’. Maar er is geen garantie, geen zekerheid of handeling die dit kan voorkomen.

Wat ik wel kan doen is echt lief zijn voor mezelf. Ik slik nu medicijnen, wat voor mij echt een ding is. En in plaats van mezelf op de kop te geven, zeg ik dat het even goed voor mij is en nu even bij mij hoort. Blauwe plekken krijgen (door de medicatie) als je iets stoot geeft voor mij aan dat ik eens rustig en bewust dingen mag gaan doen, i.p.v. vlug, snel, gestrest. Dankbaar ben ik voor al mijn organen die werken zonder dat ik daar iets voor hoef te doen. Gezonder eten. Meer bewegen. Een half uur per dag naar buiten. En mijn verhaal delen met anderen. Zomaar vertellen hoe de dag was en wat je hebt meegemaakt. Even uit mijn hoofd, de stress en zorgen van me afzetten. Daar mag ik aan gaan werken. Doen wat goed voelt.

Toch komt er regelmatig de gedachte, wat als er een orgaan of de helft van mijn lichaam, mijn spraak of zicht uitvalt? Blijf ik dan ook nog gewoon Marjon? Kan ik mezelf dan ook nog accepteren? Ik heb de afgelopen maanden na mijn TIA, mezelf dit heel vaak afgevraagd. Ik wilde de controle vast houden. Bleef vechten met -en in mezelf, met mijn lichaam, mijn hoofd, mijn geloof. Tot dat ik door kreeg dat ik nergens controle over heb, dat mijn lichaam juist signalen aangeeft dat ik niet oké bezig ben. Mijn lichaam is niet tegen me, ze is juist voor me. Bewust worden van alles wat je lichaam verteld en vandaar uit onderzoeken, is de weg naar heling. Dat is onderzoeken naar je ware zelf! Ik heb mezelf gelukkig opnieuw gevonden, en ja, soms is het nog moeilijk en dat mag ook. Ook dat is lief zijn voor jezelf. Ik geniet nu meer van het nu, van in het moment leven. ❤

Heb je ook zoiets meegemaakt en zou je er samen over willen praten en jouw ideeën willen delen? Je mag altijd contact opnemen met mij.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

11 − negen =